gevolgen

Als je slechter gaat horen betekent dat niet alleen dat je waarneming voor verschillende geluiden uit je omgeving minder wordt. Geluid heeft meer functies dan waar je in eerste instantie misschien aan zou denken. Communicatie is de belangrijkste functie van geluid, maar waarneming van belangrijke signaleringsgeluiden zoals in het verkeer, is zeker zo essentieel. Het goed kunnen horen van geluid is ook belangrijk om een boodschap op juiste waarde te schatten. Dit heeft weer te maken met de onderliggende informatie zoals de intonatie waarmee iets wordt gezegd. Geluid vertelt ons ook iets over de gevaarsetting ervan, denk hierbij aan het blaffen van een hond of het overstromen van een emmer water als we die vullen. Ten slotte geeft geluid om ons heen ons ook een gevoel over de omgeving waarin we ons bevinden. Eigenlijk maakt ons vermogen om goed alles te kunnen horen en verstaan een belangrijk deel uit van de mate waarin we onze kwaliteit van leven ervaren.

De gevolgen van slechthorendheid hebben een multicausale oorsprong
De gevolgen van slechthorendheid hebben een multicausale oorsprong

Opvallend is, dat als je het gehoor als uitgangspunt neemt, verschillende personen met een vergelijkbaar gehoorverlies toch deze negatieve implicaties zeer verschillend ervaren. Blijkbaar spelen er meer zaken een rol bij de ervaren consequenties van slecht horen. Om inzicht te verkrijgen  welke zaken dit zijn moeten we verder kijken dan het gehoorverlies alleen.

 

Er is door verschillende organisaties veel onderzoek gedaan naar hoe je kwaliteit van leven inclusief ons gehoor,  in kaart zou kunnen brengen en zodoende inzicht te krijgen over de factoren die van invloed zijn op deze kwaliteitsbeleving. De WHO (World Health Organisation) is zo’n organisatie welke een bruikbaar classificatiemodel heeft uitgedacht. Zonder heel uitgebreid in te gaan op de details van dit model, blijken een aantal factoren van invloed.


  • Omgevingsfactoren

    •  Sociale omstandigheden (goede vrienden versus slechte vrienden)
    •  Fysieke omstandigheden (handicap versus non-handicap)
  • Persoonlijke factoren
    • Leeftijd (gepensioneerd versus werkzaam)
    • Geslacht
    • Psychologische aspecten (bv. karakter en zelfbeeld)
    • Cognitieve aspecten (bv. I.Q en E.Q)
    • Gedragseigenschappen
    • Emoties (emotionele conditie: vermoeidheid, stress, depressie)

 

Zowel de omgeving als iemands karakter kan een positieve of negatieve invloed uitoefenen op deze factoren. Dit is de verklaring waarom bij gehoorverlies de negatieve implicaties afhankelijk van een mix van genoemde aspecten bij een vergelijkbare mate van het verlies totaal verschillend kunnen zijn.

Een goede begeleiding tijdens de gehoor revalidatie is daarom ook essentieel voor het eindresultaat. Je moet hierbij denken aan het managen van:

 

  • Acceptatie (in welke mate heeft men het verlies geaccepteerd)
  • Verwachtingen (meestal zijn deze te hoog en wil men terug naar nieuwe oren)
  • Motivatie (wat is de bereidheid om te werken aan verbetering)
  • Gebruik (is men in staat om het systeem te plaatsen, bedienen en in de juiste omstandigheden een aangepaste hoorstrategie te gebruiken)
  • Onderhoud (bestaat er besef en bereidheid om systeem en oren bij te houden)
  • Omgeving (verwachtingen en omgang van partner of familie managen)

 

 

Het alleen aanmeten van een hoorsysteem leidt zelden tot het gewenste resultaat.